Behandeling

(0 stemmen, gemiddeld 0 van 5)
behandeling

Momenteel zijn er 4 behandelingsmethoden die worden toegepast bij de behandeling van een EUG:

1. Een afwachtende behandeling:

  • bij geen of minimale klachten
  • dalende HCG waarden
  • indien een EUG kleiner is dan 4 cm
  • geen waarneembare foetale hartactie
  • geen symptomen van inwendige buikprikkeling

2. Injectie met methotrexaat, deze wordt gebruikt wanneer:

  • de eileider niet gescheurd is
  • er geen bloedingen opgetreden zijn
  • het vruchtje nog geen hartactie vertoont

3. Een laparoscopie (laparo: buik, scopie: kijken)

Hierbij wordt via een dunne naald koolzuurgas in de buikholte ingebracht. Zo ontstaat ruimte in de buik om de verschillende organen te zien. Meestal gebeurt dit via een sneetje onder de navel. Het operatiegebied kan op de monitor gezien worden. Ook op een paar andere plaatsen, zoals net boven het schaambeen en de zijkanten van de onderbuik, worden nog sneetjes gemaakt waardoorheen de operatie-instrumenten worden ingebracht. Via de schede en baarmoederhals kan een staafje in de baarmoederholte worden gebracht om deze tijdens de operatie te bewegen. Een EUG kan door deze ingreep, als deze groot genoeg is, herkend en verwijderd worden.

Indicaties voor een laparoscopie bij een verdenking van een EUG zijn:

  • signalen van buikvliesprikkeling die los staan van HCG-waarden,
  • opeenvolgende HCG-waardebepalingen met stijgende concentraties
  • echografiebeelden waarop een EUG te zien is die groter dan 4 cm in diameter is,
  • echografiebeelden van een EUG met positieve hartactie.

4. Een laparotomie (laparo: buik, tomie: snede)

Bij een laparotomie wordt door middel van een buiksnede (zgn. bikinisnede) de buik geopend waardoor in dit geval de EUG verwijderd kan worden. Deze wordt uitgevoerd indien er sprake is van een instabiele bloedcirculatie. In dit geval zal eerst een redelijk stabiele bloedcirculatie nagestreefd worden d.m.v. een infuus met een eiwitoplossing en bloedcomponenten. In zeer acute situaties kan het nodig zijn snel te handelen om te voorkomen dat de vrouw sterft aan de EUG. In dat geval wordt direct tot een laparotomie besloten. Ook als de gynaecoloog veel vergroeiingen verwacht in de buikholte, bijvoorbeeld na eerdere buikoperaties, kan deze besluiten te kiezen voor een laparotomie boven een laparoscopie.

Bij de operatie kan de eileider in de lengterichting gekliefd worden om het vruchtje er uit te halen. De eileiderwand wordt dan weer gehecht met fijne hechtingen.
De eileider kan ook gestript worden. Het vruchtje wordt dan achteruit geduwd, in de richting van de eierstok. De meest radicale methode is om een gedeelte van de eileider weg te halen. Meestal is er dan sprake van een scheur in de eileider.
Tijdens de ingreep wordt ook gekeken naar de conditie van de andere eileider. Ook speelt een rol in hoeverre de eileider, waar de zwangerschap gelokaliseerd is, beschadigd is geraakt.

Prognose
Na een EUG bestaat er een verhoogde kans op herhaling, vooral als één of beide eileider(s) behandeld of geopereerd zijn. Als men na een EUG 'over tijd' is en de zwangerschapstest positief is, moet men altijd meteen een echoscopie laten maken om aan te tonen dat het vruchtje zich werkelijk in de baarmoeder ingenesteld heeft. Wanneer dit niet zo is en er weer sprake is van een EUG kan er op tijd ingegrepen worden. In eerste instantie blijft men onder controle van de gynaecoloog. Als alles goed gaat kan men overstappen naar een verloskundige.

De vruchtbaarheid is door het verliezen van één eileider niet meteen gehalveerd. De hersenen ontvangen een prikkel als het eitje, aan de kant waar geen eileider meer is, in de buikholte verdwijnt. De hersenen sturen een prikkel naar de overgebleven eileider om dat eitje op te pikken. Na ongeveer een jaar heeft de overgebleven eileider de functie van de verwijderde eileider overgenomen. De vruchtbaarheid met één goed functionerende eileider is dan ongeveer 80%.

Voor meer informatie kun je de website van freya bezoeken, www.freya.nl. Freya is een patientenvereniging voor vruchtbaarheidsproblematiek.
 

Plaats reactie